Local view for "http://purl.org/linkedpolitics/eu/plenary/2012-05-09-Speech-3-216-000"

PredicateValue (sorted: none)
lpv:spokenAs
lpv:spokenAs
lpv:spokenAs
lpv:spokenAs
lpv:spokenAs
lpv:spokenAs
lpv:spokenAs
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@ro18
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@et5
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@sl20
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@mt15
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@cs1
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@sk19
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@lt14
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@pl16
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@hu11
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@da2
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@fi7
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@sv22
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:spoken text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@nl3
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@lv13
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@el10
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Mr President, Commissioner, I come from a country where, since the introduction of a handful of tulip bulbs 400 years ago, we have seen the development of hundreds, if not thousands, of different sorts and varieties. European farming and market gardening have grown so big precisely because they constantly keep reinventing themselves by developing new and better varieties all the time. This applies not just to my country, but to all agricultural regions in Europe. This innovative capacity of European agriculture, of agriculture worldwide, will become ever more relevant. Very soon, we will have 9 billion mouths to feed and we therefore need varieties that, for example, use less water and fewer pesticides and are more resistant to diseases. Our breeders are up to that challenge, but then we need to offer them room for manoeuvre and legal certainty and that is what is missing at the moment. In relation to plant breeders’ rights – and here I am referring, among other things, to the international UPOV Convention, but also Article 4 of the Biopatent Directive – we state that people are allowed to use each other’s varieties in breeding, developing and discovering new varieties. We call that breeders’ exemption. However, according to patent law, every time you use a variety, you need to obtain the licence from the patent holder. With the rapid development of patent law in Europe, the breeders’ exemption, the developing freedom, is coming under threat and we must not allow that to happen. It is unacceptable from an ethical point of view – as previous Members have already adequately explained – but it is also not economically desirable because, that way, every innovation becomes paralysed. I therefore join my colleagues in calling on the Commission to enshrine the breeders’ exemption firmly in European patent law, at least the restricted breeders’ exemption, which provides freedom for the whole process until the moment you start commercialising and placing a final product on the market. It is therefore relevant that we get answers, especially to Mr Belder’s specific questions, and, if the Commissioner cannot answer them himself, he should have a member of his team answer them in writing. In the Netherlands, we have already named a tulip after Robert Schuman and I am pleased about that on this Europe Day. We have also named a tulip after Princess Máxima. If the Commission now speeds up the establishment of legal certainty in this field, who knows, Commissioner, that might very well lead to a tulip named after you, a ‘tulipa Guchtiniana’. Looking at you now, that would, of course, be a beautiful pink tulip. I sincerely hope that this will be the case."@en4
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@de9
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@pt17
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@es21
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@it12
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:translated text
"Voorzitter, commissaris, ik kom uit een land waar, sinds de introductie van een handvol tulpenbollen bij wijze van spreken zo'n vierhonderd jaar geleden, op het ogenblik zo'n honderden, zo niet duizenden soorten en rassen zijn ontwikkeld. De Europese land- en tuinbouw is groot geworden juist door zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, steeds nieuwe soorten, betere soorten te ontwikkelen. Dat geldt niet alleen voor mijn land, dat geldt voor alle landbouwregio's in Europa. Dat vernieuwend vermogen van de Europese landbouw, van de landbouw wereldwijd, zal alleen maar relevanter worden. We hebben straks negen miljard monden te voeden en we hebben dus behoefte aan soorten die minder water en minder bestrijdingsmiddelen gebruiken en bijvoorbeeld beter bestand zijn tegen ziekten. Onze kwekers kunnen die uitdaging best aan, maar dan moeten we ze wel wat ruimte en duidelijkheid bieden en daar ontbreekt het op dit moment aan. In het kwekersrecht - en dan spreek ik onder andere over de internationale UPOV-conventie, maar ook over artikel 4 van de biopatentrichtlijn - stellen we dat mensen gebruik kunnen maken van elkaars rassen bij het kweken, ontwikkelen en ontdekken van nieuwe andere rassen. Dat heet de kwekersvrijstelling of . Volgens het octrooirecht daarentegen moet je bij elk gebruik van een ras de licentie van de octrooihouder verkrijgen. Door de snelle ontwikkeling van het octrooirecht in Europa komt de kwekersvrijstelling, de ontwikkelingsvrijheid in het gedrang en dat mag niet gebeuren. Het mag niet vanuit ethisch oogpunt - daar hebben de collega's al genoeg over gesproken -, maar het is ook economisch niet wenselijk omdat zo elke innovatie wordt lamgelegd. Met mijn collega's roep ik dus de Commissie op om de kwekersvrijstelling stevig in het Europees octrooirecht te verankeren of toch minstens de beperkte kwekersvrijstelling, die de vrijheid geeft voor het hele proces tot op het moment dat je gaat vermarkten en een eindproduct op de markt brengt. Het is dus relevant om vooral de concrete vragen die collega Belder gesteld heeft, te beantwoorden en, als deze commissaris dat niet zelf kan, deze schriftelijk te laten beantwoorden door een collega. We hebben in Nederland al een tulp vernoemd naar Robert Schuman en dat doet mij deugd op deze dag van Europa. We hebben ook een tulp vernoemd naar prinses Máxima. Als de Commissie nu vaart zet achter het scheppen van duidelijkheid op dit gebied, wie weet, mijnheer de commissaris, levert dat ooit nog een "tulipa Guchtiniana" op. Als ik u zo zie zitten, zal dat in elk geval een mooi roze exemplaar zijn. Ik wens het u van harte toe."@fr8
lpv:unclassifiedMetadata
"Esther de Lange (PPE ). -"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
lpv:unclassifiedMetadata
"breeders exemption"18,5,20,15,1,19,14,16,11,2,7,22,3,13,10,9,17,21,12,8
rdf:type
dcterms:Date
dcterms:Is Part Of
dcterms:Language
lpv:document identification number
"en.20120509.21.3-216-000"6
lpv:hasSubsequent
lpv:speaker
lpv:videoURI

Named graphs describing this resource:

1http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Czech.ttl.gz
2http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Danish.ttl.gz
3http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Dutch.ttl.gz
4http://purl.org/linkedpolitics/rdf/English.ttl.gz
5http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Estonian.ttl.gz
6http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Events_and_structure.ttl.gz
7http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Finnish.ttl.gz
8http://purl.org/linkedpolitics/rdf/French.ttl.gz
9http://purl.org/linkedpolitics/rdf/German.ttl.gz
10http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Greek.ttl.gz
11http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Hungarian.ttl.gz
12http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Italian.ttl.gz
13http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Latvian.ttl.gz
14http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Lithuanian.ttl.gz
15http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Maltese.ttl.gz
16http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Polish.ttl.gz
17http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Portuguese.ttl.gz
18http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Romanian.ttl.gz
19http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Slovak.ttl.gz
20http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Slovenian.ttl.gz
21http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Spanish.ttl.gz
22http://purl.org/linkedpolitics/rdf/Swedish.ttl.gz
23http://purl.org/linkedpolitics/rdf/spokenAs.ttl.gz

The resource appears as object in 2 triples

Context graph